Hij zat tussen de militaire dienst en het begin van de studie, en had een aantal maanden over. Aanpakken dus, voor deze ‘terriër’. Jan Piet van der Meer, nu Vice President Marketing & Sales van NedStack Fuel Cells in Arnhem, begon als vertegenwoordiger voor het bedrijf van zijn vader, en verkocht in die paar maanden enorme partijen panty’s en steunkousen. Vele malen meer dan de ‘oudere garde’, die ook op de weg zat. Het aanpakken en zich helemaal vastbijten in iets, is de rode draad in zijn leven. Als hij ergens enthousiast voor wordt, gaat hij voor tweehonderd procent.
Wat heb je gestudeerd?
Eerst Rechten, tot mijn kandidaats, en daarna ben ik Bedrijfskunde gaan studeren. Toen ik daarmee klaar was, ben ik als managementtrainee gaan werken bij de toenmalige Abn-bank. Al snel kwam ik in de participatiemaatschappij terecht, en werkte ik als consultant voor overnames en saneringen. Het was de tijd van de grote faillissementen zoals OGEM. Als jong broekie werd ik meteen in het diepe gegooid. Ik overlegde met raden van bestuur over overnames, afslankingen en dergelijke. Niet helemaal alleen; je werkte in een team. Dat gaf ook het leerzame affect. We hebben toen grote bedrijven gered. Scheepswerven, papierfabrieken, betonfabrieken. Ik heb dat zo’n tien jaar gedaan, en toen ging de bank met de Amrobank fuseren waardoor er een heleboel ging veranderen. Ik heb toen een tijdje als kantoordirecteur gewerkt, maar dat was het niet. Een uitstap naar Van Lanschot Bankiers bleek ook niet de oplossing; ik miste het groot-zakelijke karakter dat ik zo goed had leren kennen.
Wat heb je toen gedaan?
Het kriebelde al een tijdje om voor mezelf te beginnen. Ik heb toen een bestaand modebedrijf overgenomen, Cameleon. We hadden als assortiment onder meer damestassen en portemonnees. Ik had een fabriek in Tunesië, waar 150 mensen werkten. Eerst via een Europeaan die de dagelijkse leiding had, later – en dat was een goed leereffect – via een Tunesier. Want dat werkt veel beter. In totaal heb ik dat bedrijf tien jaar gehad. We leverden bijvoorbeeld aan Louis Vuitton, aan de Bijenkorf, we werkten voor Succes agenda en Filofax, kortom grote merken. Maar we kregen drie economische crises over ons heen, en in 2001 ook nog eens 9/11. Ik had het toen wel een beetje gehad. We hadden gelukkig een heel goed gestroomlijnd fabricageproces opgezet, waardoor ik de fabriek goed aan een Fransman kon verkopen, die op dat moment interesse toonde.
En toen?
Toen werd ik gevraagd om bij NedStack te komen. Dat sprak me enorm aan: weer een bedrijf in de pionier-fase, met een prachtig product dat toekomstgericht is, en dat te maken heeft met duurzaamheid en energie. Ik ben begonnen in de telecom-branche, en dat loopt nu. Vervolgens heb ik me in de energiebedrijven vastgebeten, de powerplants. En ik ben ook al bezig met de wereld van de bussen. Steeds verder kijken, steeds nieuwe zaken oppakken. Pionnieren, financiering zoeken voor projecten, nieuwe markten ontwikkelen, out of the box denken. Dat boeit me.
Vraag je dat ook van je mensen?
In zekere zin wel. We zijn als bedrijf weliswaar voorbij de echte pionierfase, maar je moet wel nog steeds openstaan voor andere zaken dan je eigen discipline. Bij ons werkt alles, van lagere school tot hoogleraar. Elk is een professional op zijn of haar gebied. Dat betekent dat je breed inzicht moet hebben, overzicht. Open moet staan voor alles. Voor Het Nieuwe Werken, voor de social media, maar ook voor gedegen onderzoek en doortimmerde structuren. Dat maakt het werken hier zo boeiend!
Wat heb je geleerd, wat kun je als tip aan jonge mensen doorgeven?
Dat je altijd enthousiast moet zijn en je helemaal moet inzetten. Je kunt zeggen: kousen en panty’s verkopen, wat stom, dat doe ik niet. Zoek maar een ander. Maar dan kom je nooit verder. Juist door je volledig in te zetten merken ze je op. Dan creëer je ook voor jezelf kansen. Denk niet in belemmeringen, maar in kansen. Daarmee onderscheid je jezelf. Wat je ook doet.




